Start Normen (Elektrisch) handgereedschap
Deze pagina afdrukken Deze pagina doorsturen

Machines / gereedschappen

(Elektrisch) handgereedschap

Goedgekeurde norm
Wordt gehanteerd door
de Arbeidsinspectie.
Inleiding

Slecht onderhouden (elektrisch) handgereedschap zoals hamers, beitels en accuboormachines kan ongevallen met flink letsel veroorzaken.

Norm

Handgereedschap moet in goede conditie zijn en, zo vaak als nodig is, gecontroleerd worden.

Minimumeisen
  •  Handgereedschappen zoals hamers, vijlen en zagen worden minimaal jaarlijks en verder zo dikwijls als noodzakelijk is ter waarborging van de goede staat, gecontroleerd of zij in goede staat verkeren:
    • onbeschadigd
    • geen splinters in houten delen
    • snijvlakken zijn voldoende scherp (bijvoorbeeld bij messen en beitels)
    • onderdelen kunnen in het gebruik niet los schieten (bijvoorbeeld bij hamers, beitels en bijlen)
    • raadpleeg bij twijfel de vakhandel of leverancier
  • Elektrisch handgereedschap:
    • is klasse II (is dubbel geïsoleerd en werkt onder veilige spanning)
    • is onbeschadigd (let met name op de snoeren) en de aansluitpunten voor elektriciteit (verbinding snoer/machine en snoer/stekker/stopcontact) zijn volledig afgeschermd
    • is in goede staat
    • wordt jaarlijks gekeurd
  • In geleidende ruimtes (bijv. vochtige ruimtes) wordt uitsluitend gebruik gemaakt van gereedschap klasse II dat werkt op een zeer lage spanning (50V)
  • In besloten ruimtes zoals (kelders en kruipruimtes) mag alleen met elektrisch handgereedschap gewerkt worden indien in de ruimte geen gevaarlijke dampen en gassen meer aanwezig zijn. Indien dit niet met een meting is vastgesteld mag er geen elektrisch gereedschap gebruikt worden. Is de besloten ruimte ook geleidend, dan mag uitsluitend elektrisch gereedschap klasse II gebruikt worden dat werkt op een zeer lage spanning (50V).
  • Handcirkelzagen zijn uitgerust met een voorziening die het aanraken van het vrijdraaiende blad uitsluit.
  • Tijdens het zagen met een handcirkelzaag hangt het snoer over de schouder om het risico van doorzagen van het snoer te voorkomen
  • Handgereedschappen en werkmaterialen zijn veilig en overzichtelijk opgeborgen, bij voorkeur in een speciaal daarvoor bestemde kast.
Bron

Arbobesluit artikel 7.2, 7.2a, 7.3, 7.47.5, 7.6, 7.77.8, 7.9, 7.10, 7.11 en 7.11a

In de RI&E

zie Arboscan-VO, vraag 2.15

Wensen
  • Het verdient aanbeveling om alle elektrisch aangedreven handgereedschap te voorzien van een dodemansknop (dit is een knop die ingedrukt wordt gehouden tijdens het in bedrijf zijn van het gereedschap)
  • Bij handboormachines wordt aanbevolen gebruik te maken van een type met variabel toerental om zodoende het aanzetmoment in taai materiaal zo klein mogelijk te houden
  • Bij de aanschaf van nieuw gereedschap verdient het aanbeveling te kiezen voor onderhoudsarm gereedschap
Tips

  • Denk bij het gebruik van een handboormachine aan het vastlopen, waardoor de machine uit de handen kan slaan
  • Elektrisch handgereedschap wordt onderscheiden in gereedschap dat op 220 volt werkt en gereedschap dat op een veilige spanning werkt. Van een veilige spanning is sprake bij maximaal 50 volt wisselspanning of 120 volt gelijkspanning. Bij een veilige spanning gaat men ervan uit dat er bij een fout in de apparatuur geen schade aan het lichaam ontstaat bij stroomdoorgang
  • Bepaal welke persoonlijke beschermingsmiddelen bij welke gereedschappen gedragen worden, let er op dat deze geen ander risico's veroorzaken en schoongehouden worden
  • Door de stichting Arbouw is een digitaal handboek arbeidsmiddelen voor de bouwnijverheid uitgegeven.

Bijbehorende schoolvoorbeeld(en)
Geen schoolvoorbeeld beschikbaar
 
Laatst gewijzigd
28-05-2009

 

Reactie op de norm: (Elektrisch) handgereedschap





Uw opmerkingen / suggesties:

Verzenden    Annuleren

Uw opmerkingen en/of suggesties zijn naar de redactie verstuurd.

Ok

Altijd up-to-date

Wilt u op de hoogte blijven van de laatste wijzigingen in de Arbocatalogus-VO, volg ons dan via Twitter.

 

     Follow ArbocatalogusVO on Twitter