Norm: Praktijklokaal - Werkhouding

In het praktijklokaal werken werknemers en leerlingen met materialen, machines en andere hulpmiddelen, waarbij ze moeten bukken, tillen, duwen, trekken etc.

Inhoud van deze pagina

Norm

Om gezondheidsklachten, die kunnen ontstaan door een slechte werkhouding en fysieke belasting, te reduceren is een ergonomische inrichting van de werkplek en gebruik van adequate hulpmiddelen noodzakelijk.

Andere norm:

Minimum eisen

  • Tafels, stoelen en krukken zijn stabiel en verkeren in goede staat van onderhoud.
  • Het meubilair (stoel en tafel) van de docent is ergonomisch verantwoord. Eisen aan het meubilair zijn afhankelijk van de taken en de werkwijze van de docent en kunnen per vak variĆ«ren.
  • Werktafels waaraan door medewerkers staande wordt gewerkt, zijn gemakkelijk individueel in hoogte instelbaar.
  • Er is voldoende afwisseling in de verschillende werkhoudingen (zitten, staan en lopen). Voldoende afwisseling in werkhouding voorkomt overbelasting. Statische- en dynamische belasting van spieren en gewrichten worden zodoende ook steeds afgewisseld.
  • Bij het tillen wordt de juiste tiltechniek toegepast.
  • Voor het verplaatsen van zware lasten worden hulpmiddelen zoals karretjes, steekwagens, kleine kratten met handgrepen, gebruikt.
  • Duw- en trekhandelingen worden zoveel mogelijk voorkomen.
  • Indelingen zijn zodanig dat niemand ver hoeft te reiken. Voor het pakken van voorwerpen is de afstand maximaal 60 cm recht naar voren bij incidenteel reiken (maximaal 50 cm voor vrouwen); bij frequenter reiken is de afstand minder.

Wensen

  • Het heeft de voorkeur om overal verstelbaar meubilair te gebruiken omdat dit meubilair aangepast kan worden aan de lichaamsafmetingen van de medewerker.
  • Een kruk of stasteun is een hulpmiddel om de statische lichaamsbelasting door staan te voorkomen.
  • Bankschroeven zijn in hoogte verstelbaar.